Kaakorthopedie

De kaakgewrichtregio is een gebied waar verschillende (para-)medisch specialisten elkaar ontmoeten. Goede diagnostiek met de specifiek daarop afgestemde therapie is immers de beste vorm van herstel. De combinatie van klachten en pijnpatronen maken een systematische diagnostiek soms lastig. Als klassieke verschijnselen kunnen wel onder meer worden aangemerkt:

Kauwspieren

Pijn in de regio van de kauwspieren en/of ter hoogte van het kaakgewricht.

Kaakgewrichtgeluiden

Kaakgewrichtgeluiden (het zogenaamde ‘knappen’) -bewegingsbeperking en of een afwijkende beweging van de onderkaak bij openen en/of sluiten. Begeleidende klachten kunnen zich onder meer manifesteren als een strak en/of vermoeid gevoel in de kauwspieren (ook wang en slaapregio) oorsuizingen evenals duizelingen en op oorpijngelijkende pijnen en af en toe blokkeringen van het kaakgewricht en tandknarsen.

Gezichtspijnen

Pijnen in het gezicht, soms met uitstraling naar het achterhoofd, nek en schouder.

Diagnostiek en behandeling

Een veelvuldig verhoogde spanning van spieren rond de kaakgewrichtjes kan leiden tot klachten van verschillende aard. Berucht bijvoorbeeld vanwege de pijnprojectie naar de kiezen in de bovenkaak zijn de spieren mm. masseters en de mm. temporalis. De geprojecteerde pijnklachten worden door de patiënt als kiespijn ervaren. De hiervoor geconsulteerde tandarts vindt aan de betreffende gebitselementen geen afwijkingen en start na de veelvuldig geuite kiespijnklachten van de patiënt een wortelkanaalbehandeling, of erger, extraheert het aangegeven gebitselement.

De pijn is dan schijnbaar verdwenen maar na korte tijd is de pijn weer aanwezig zoals voor de tandheelkundige behandeling. De pijn projecterende spieren zijn in een dergelijke situatie niet als oorzakelijke factoren herkend. (Bron: Cranio Mandibulaire Disfuncties, Steenks, de Weijer). Een tandheelkundige behandeling doet de pijnklachten niet altijd verdwijnen en er wordt juist extra schade aan het gebit toegebracht. Als een uitgebreide en professionele diagnostiek achterwege blijft, zou de situatie voor de patiënt alleen maar ernstiger kunnen worden.

Praktijk Solleveld is toegespitst op dergelijke diagnostiek en behandelingen bij TMJ-problematiek, Cranio Mandibulaire Disfuncties alsmede Orocervicale en Orofaciale klachten. Hiertoe worden de meest moderne onderzoeksmethoden gehanteerd zoals een BTS-kaaksluitingsanalyse en gebitsdiagnostiek.

Ontstaansfactoren

Uit onderzoeken blijkt dat er vooralsnog geen eenduidige aanwijsbare oorzaak is aan te geven voor het ontstaan van Cranio Mandibulaire Disfuncties. Het klachtenpatroon geeft sterk de indruk dat het handelt om een aandoening met belangrijke functionele, anatomische en psychologische elementen.

De ontstaansfactoren zijn daarom te herleiden tot de voormelde aspecten die elkaar steeds weer overlappen en met elkaar interacteren. De afzonderlijke factoren kunnen in grootte wisselen en van patiënt tot patiënt verschillen. Specifieke diagnostiek zal de grootte van elke component moeten vastleggen en daarmee het behandelingstraject differentiëren.

Tot de neuromusculaire factoren zijn onder meer te rekenen:

1.tandknarsen (bruxisme) en tandklemmen.
2. foutieve posities van hoofd en hals ten gevolge waarvan de ‘beet’ een anatomische verandering ondergaat
3. slikveranderingen door veranderde positie van de tong.
4. professionele (beroeps)houdingsfouten.
5. onjuiste slaappositie met niet ondersteunde onderkaak of juist een te grote druk op de kaak.

Anatomische afwijkingen zoals bijvoorbeeld een onderbeet, kruisbeet en overbeet alsmede onjuiste hoektandgeleiding en/of andere gebitsafwijkingen geven steeds een foutieve ‘input’ via het neurologische netwerk waardoor de spierspanningen weer negatief worden beïnvloed met uiteindelijk het pijnlijke CMD syndroom tot gevolg.

Ook de veranderde kenmerken van de opening en sluiting van boven- en onderkaak spelen hierin een rol van betekenis. Ook het ontbreken van een of meerdere gebitselementen kan leiden tot een gebrekkige of soms tot het geheel ontbreken van een goede kaaksluiting. Als gevolg daarvan kan de door die gewijzigde krachtsverhoudingen in het kauwstelsel zowel directe als indirecte mechanische invloed op de kaakgewrichten ontstaan.

Op dezelfde wijze kan een te hoog of te scheef gebitselement (bijvoorbeeld door een te hoge vulling of een onjuist vormgeving van een kroon- of brug, leiden tot een prematuur contact. De onderkaak wordt dan (wanneer deze vanuit de rustpositie in occlusie wordt gebracht) als het ware uit de centrale positie gedwongen.

De standsverandering van de onderkaak die hiervan het gevolg is, zal direct invloed hebben op de kaakgewrichtjes zelf en de tonus (spanning) van de spieren van het kauwstelsel. Pijn en verhoogde spierspanning zijn het gevolg.

Met betrekking tot het voornoemde is ruim onderzoek uitgevoerd naar botverlies (atrofie) bij een lang bestaande tandeloze kaak. De normale trek- en drukkrachten van kiezen en tanden in het kaakbot zijn verloren gegaan door verwijdering van alle elementen.

Gelet op de veranderde beet die prothesedragers hierdoor ontwikkelen, worden de kaakgewrichtjes overbelast. De spieractiviteit verandert mee, met als gevolg vaak CMD/TMJ klachten. Alle psychische factoren die direct of indirect de spierspanning verhogen, zijn in de regel slechts belangrijk gebleken bij het onderhouden en verergeren van het klachtenbeeld.

Klachten van wervelkolom, schouder- en bekkengordel staan absoluut in relatie met CMD/TMJ- functies. Enerzijds kan een slechte houding leiden tot CMD-klachten, omgekeerd is aangetoond dat veranderde occlusale kenmerken, aandoeningen van het houdings- en bewegingsapparaat kunnen veroorzaken.

Hoofdpijn

Een groot deel van de bevolking (40-50%) lijdt aan chronische of steeds terugkerende hoofdpijn. Niettegenstaande de vele typen hoofdpijn en de verschillende ontstaansfactoren kan met zekerheid worden gesteld dat hoofdpijn, (aan)gezichtspijn en keel-, neus- en oorklachten bij veel patiënten in samenhang voorkomen.

Vooral de typische spanningshoofdpijn is veelal gerelateerd aan verhoogde spierspanning rond het kaakgewricht. De meest voorkomende locaties die patiënten bij CMD-problematiek aangeven, zijn de regio rond het kaakgewricht zelf en boven de ogen, meestal eenzijdig maar een enkele keer ook tweezijdig.

Verder blijkt dat tandpijnen (ervaren als kiespijn) en kaakholte pijnen als ‘referred pain’ worden aangegeven. In de beginfase treden de pijnen veelal aanvalsgewijs op, om na enige weken tot maanden te verminderen en dan weer (soms geheel of gedeeltelijk) te verdwijnen. Dit maakt de diagnose extra lastig. Maar er zal telkens weer een recidief optreden waardoor dit klachtenbeeld een cyclisch karakter krijgt.

De behandeling

Bij uitgebreid onderzoek worden alle structuren, ziekteprocessen, mechanische, neurologische en/of toxische oorzakelijke factoren onderzocht die een rol kunnen spelen bij het CMD/TMJ-syndroom. Omdat dergelijke klachten meestal meerdere oorzaken kennen, zal de behandeling vrijwel altijd multidisciplinair worden ingezet. Voorbeelden van gecombineerde behandelingen die hun effect hebben bewezen, zijn onder meer het inzetten van myotraining, deblokkering van alle spieren die met kauwen en slikken te maken hebben, speciale spagyriek- therapie alsook aandacht voor het slik- en adempatroon en het gehele houding- en bewegingsapparaat. Mochten ontstekingen in het gebit of bijholten een rol blijken te spelen, worden deze eveneens meegewogen in het therapeutisch stappenplan.

Succesvolle behandeling is natuurlijk afhankelijk van goede kennis van en inzicht in de ontstaansfactoren, symptomatologie en de juiste diagnostiek. Voor een uitgebreid kaakgewrichtonderzoek, het opstellen van een bevindingenverslag met therapievoorstel en behandeling van dit lastige domein, kunt u een afspraak met ons maken.

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken?